Als de jonge poesiepoes Kleintje een paar wilde boskatten tegenkomt die hun territorium verdedigen, blijft hij achter met littekens – en een bittere, diepgewortelde wrok. Terwijl zijn reputatie groeit onder de zwerfkatten en de eenlingen die in de vieze stenen steegjes van de tweebeenplaats wonen, verandert hij zijn naam in Schruk en laat hij alles van zijn vroegere leven achter zich – behalve zijn dodelijke verlangen naar wraak.
| Aantal | Prijs |
|---|